Gemeentewerk

Missionair gemeente zijn

Nog meer nieuws
Gemeentewerk >> Nog meer nieuws

Beste broeders en zusters, als missionair werker denk je natuurlijk na over het wezenlijke van “missionair zijn”. Wat betekent dit voor ieder persoonlijk; wat betekent dit voor de gemeente. In het Nederlands Dagblad van 3 december jl. trof ik onderstaand hoofdredactioneel commentaar aan. Het sprak mij aan. Ik wil dit graag aan u doorgeven.

Er bestaan nog heel wat evangelisatiecommissies. Vaak slapen ze. Tijd om ze op te doeken? De kerk heeft als kerk geen missionair doel, betoogt nieuwtestamenticus Jakob van Bruggen in het blad Nader bekeken. De kerk moet vieren wat ze gelooft en bidden voor de wereld.

Het gaat om de mensen van de kerk. Als dat echt mensen van Jezus zijn, zal hun leven rijk zijn, eeuwig. Vol moeiten nu nog, en tegelijk nu al bevrijd van angst en schuld - en dus getuigend, wervend, zeg maar: missionair. Maar kerken die zich missionaire doelen stellen, zadelen zichzelf op met een onhaalbare opdracht (groei), en riskeren een kerkelijk minderwaardigheidscomplex: we groeien niet, dus we deugen niet.

Nu reageert Van Bruggen op een achterhaald idee over missionair gemeente zijn. Het leeft nog her en der onder gemeenteleden, maar geen Stefan Paas, geen Wim Dekker, geen Arthur Vlaardingerbroek of andere missionaire voortrekker is er (nog) op te betrappen. Jos Douma, predikant van een missionaire gemeente in Haarlem, schrijft op zijn weblog dan ook dat iedereen dit met Van Bruggen eens zal zijn: mensen bereiken met het evangelie vereist geen instituut, maar een relatie.

Die conclusie doet ook pijn. Als de Van Bruggens, de Douma's, en al die andere missionaire denkers gelijk hebben, en het hart van de kwestie is onze levende omgang met Christus, is er dan niet iets mis met die omgang? De kerk is doorgaans niet heel aantrekkelijk voor mensen van daarbuiten. Eén ding is zeker: geen evangelisatiecommissie is opgewassen tegen lauwe gelovigen.

Missionaire activiteiten kunnen uitgroeien tot de moderne variant van wat christenen in de middeleeuwen deden met hun kerkpaleizen, en in de vorige eeuw met de 'opbouw van het christelijk leven': het risico is dat je met z'n allen een gebouw optuigt, waarin als het klaar is niemand meer wil wonen. Omdat de energie is gaan zitten in het metselen, en niet in het... Ja, waarin eigenlijk niet?

Als de fonkeling van christelijk leven niet zit in het optrekken van allerlei fysieke of geestelijke bouwwerken, waarin dan wel? Christelijk leven is bevrijd ademhalen met God. De gemeente hoeft voor Hem geen bouwwerk op te tuigen. Dat is ze al. Een van de allermooiste psalmregels, uit de berijmde psalm 103, luidt dat wij slechts leven op de adem van Gods stem.

Een goede relatie is een wederkerige, daarom geldt die regel ook andersom: God leeft op de adem van onze stem. Hij troont op het gebed, het lied en de liefde van zijn volk. Als wij echt vrij ademen met God, gebeurt er iets dat groter is dan ieder van ons persoonlijk. Iets waardoor mensen verwonderd achterom kijken. Niet naar ons, maar naar God. Dan gebeurt er soms misschien iets dat ook gefaciliteerd en geregeld kan worden. Maar dat is geen doel. Het is zegen.

Tot zover dit artikel. Graag hoor ik uw reactie hierop. Mijn mailadres: gerrieke.vanraalte@online.nl

Met vriendelijke groet, Johan van Raalte.


Geplaatst op 12 Dec 2011 in Gemeentewerk